Binnen- en buitenlandse bedrijven en organisaties die actief zijn op de Nederlandse kledingmarkt beloven de strijd aan te gaan met misstanden in de textielindustrie met een textielconvenant, dat zal woensdag 16 maart ondertekend worden door brancheorganisaties Modint, VGT, Inretail, de Rijksoverheid, vakbonden en vijf maatschappelijke organisaties.In juni zal vervolgens blijken welke bedrijven en organisaties uit de kledingsector dit convenant ook zullen ondertekenen. Het convenant is onder leiding van de Sociaal Economische Raad (SER) uitgewerkt, met de intentie dat het in juni zal worden ondertekend door minimaal 35 bedrijven. Dit is drie jaar na de ramp in Bangladesh door het instorten van een kledingfabriek.

De marktpartijen willen misstanden bij kledingproductie, zoals discriminatie, kinderarbeid en gedwongen arbeid voorkomen en aanpakken in landen als Bangladesh, India, Pakistan, en Turkije. Menswaardige lonen moeten worden betaald en de werkomstandigheden moeten veiliger worden, schade aan het milieu moet worden tegengegaan. Tara Scally van de Schone Kleren Campagne (SKC) is verheugd dat bedrijven misstanden en risico’s verplicht in kaart moeten gaan brengen, maar vind dit onvoldoende. De concrete afspraken ontbreken nog aan het convenant. Volgens Tara Scally is van de gemaakte afspraken na de ramp nog weinig terechtgekomen, en daarom is dit convenant te vrijblijvend, zodat de aansporing tot concrete verandering nog onvoldoende is. Hiervoor zou een structurele systematiek om ter plekke te controleren of de gegevens kloppen moeten worden ingevoerd.

SER-voorzitter Mariëtte Hamer ziet het convenant als een doorbraak, omdat de betrokken partijen zich voor het eerst gezamenlijk committeren om de sector te verduurzamen, maar details over de exacte stappen zijn nog niet voorhanden, en momenteel is er nog geen funding voor een organisatie die toezicht kan houden op de afspraken. In 2020 moeten 80 procent van de bedrijven in de kledingbranche de afspraken hebben ondertekend. Het zal daarom een spannende tijd worden, om te zien of grote marktpartijen zich inderdaad willen committeren aan dit convenant. En of ze dit zien als een kans om nu gezamenlijk concrete oplossingen te bewerkstelligen die niet vrijblijvend zijn, maar ook echt zorgen voor zichtbare en concrete verbetering.

De kledingsector staat voor grote uitdagingen. Dit convenant gaat vooral over arbeidsomstandigheden. Maar de kledingbranche heeft ook te maken met de vervuilende milieu-aspecten zoals
watertekorten ontstaan door de productie, zeer wijdverspreid gebruik van schadelijke bestrijdingsmiddelen, giftige verf bind- en bleekmiddelen, en hoge CO2 uitstoot door lange vervoerstrajecten
die het gevolg zijn van de offshore arbeid. Ook hiervoor moeten oplossingen worden bedacht waarbij ketensamenwerking essentieel is.

Volgens Bureau MVO zijn er diverse duurzame en circulaire bedrijven actief op de Nederlandse en buitenlandse markt die reeds het goede voorbeeld geven zie bijvoorbeeld de Fairwear Brands:
http://www.fairwear.org/36/brands/. Deze vaak kleinere bedrijven kunnen wellicht een voorbeeldrol vervullen voor de partijen die nog onvoldoende duurzaam en/of circulair opereren. Dit door te laten zien dat er wel degelijk een markt is voor eerlijke, duurzaam en/of circulair gefabriceerde mode, en hoe dit door samenwerking op groter schaal gerealiseerd kan worden.

Onze klant Mud Jeans heeft hierin bijvoorbeeld veel pionierswerk in verricht. Als eerste circulaire jeansmerk dat het gebruik in plaats van het bezit als voorbeeld nam in het circulaire Lease a Jeans concept. Als lid van Fair Wear Foundation gaan zij verder dabn anderen, compenseren zij CO2, en maken zijn het hele productieproces transparant en duurzaam.

Net als vele andere innovatieve organisaties verwelkomen wij bij Bureau MVO ieder initiatief dat werkt aan/ zorgt voor verbetering. Als de verandering niet zichtbaar genoeg is zal er meer werk moeten worden verricht om de keten transparant te maken en bedrijven sociaal en duurzaam te doen innoveren.